Een sneeuw om aandacht

Als het zo blijft sneeuwen, dan wordt het morgen tijd voor een glijdagmiddagborrel!

Advertenties

Rijp op de ruiten

Rijp op de ruiten
Vanavond in de auto stappen zonder rijbewijs?
Nah nee, want dan bevind ik me op glad ijs!

Het weernieuws en de tweet.

Valengein I – Modderijs

(Valengein? Ja, Meneer D kon inderdaad geen slechtere woordgrap bedenken. Graag gedaan.)

Valentijnsdag. Tijd voor liefde en overpeinzingen. Hart voor de woordelijke zaak. De liefde verklaren? Uiteraard! Maar dan wel Meneer D stijl.

Dit (precies) 100-woorden-verhaal schreef Meneer D voor de schrijfwedstrijd IJsbloemen.

Modderijs

Door bijtende vrieskou fiets ik over de dijk. Onder de snelbinders: een grote bos rozen.
Rood.
Vandaag. Vandaag ga ik het haar zeggen.

In haar voortuin rinkelt m’n fietsbel. Verkleumd zet ik mijn fiets op slot. Een silhouet verschijnt voor het matbevroren keukenraam.

Haar silhouet!

“ik”
Langzaam schraapt ze, smeltend, spiegelbeeldige letters door de ijsveren op het raam.
“hou”
Ik worstel met de snelbinders.
“van”
Mijn adem bevriest vol aandacht voor haar vinger.
“je”
Nog een silhouet naast haar?!
“broer”

De bos valt. Bevroren rozen knakken op het ijspad. Roodgebroken blaadjes mengen zich met modderijs.

Veelijsend

Veelijsend

‘t Is niet dat ik zóveel ijs
Dat ik steeds betoverd krijs
Om cassata of Raket
Tóch, een ijsco ist ja pret

Sundae, schepijs en Dame blanche
Ce n’est pas que je mange
Is het meer een meisjes-tic
Da’k aan perenijsjes lik

Dát slechts is wat míj koud smaakt
IJs van vruchtbaar goud g’maakt
Ík geef OLA perenijs
Dus dan zo de ereprijs!

Schrijven Online: Microwedstrijd ‘IJsbloemen’ – Modderijs

Schrijven Online had een Microwedstrijd met thema ‘IJsbloemen’. De deadline was 15 februari. Je verhaal moest precies 100 woorden lang zijn. Meneer D doet vaker mee aan schrijfwedstrijden, zo ook deze keer. Dus. Hieronder de inzending van Meneer D.

Modderijs

Door bijtende vrieskou fiets ik over de dijk. Onder de snelbinders: een grote bos rozen.
Rood.
Vandaag. Vandaag ga ik het haar zeggen.

In haar voortuin rinkelt m’n fietsbel. Verkleumd zet ik mijn fiets op slot. Een silhouet verschijnt voor het matbevroren keukenraam.

Haar silhouet!

   “ik”
Langzaam schraapt ze, smeltend, spiegelbeeldige letters door de ijsveren op het raam.
   “hou”
Ik worstel met de snelbinders.
   “van”
Mijn adem bevriest vol aandacht voor haar vinger.
   “je”
Nog een silhouet naast haar?!
   “broer”

De bos valt. Bevroren rozen knakken op het ijspad. Roodgebroken blaadjes mengen zich met modderijs.

Reacties zijn meer dan welkom!

Beeldtaal: de winter in vogelvlucht

Geen sneeuwpuur visueel homoniem of bommelwoord.
Wel een visueel homofoon-homoniem winters verschijnsel: de winterse kauw.

Winterse Kauw - Foto bron: "Words" (kan geen toeval zijn) op My Opera, klik voor zijn blog

(Als het meer dan één vogel was, en het was op het ijs, dan konden we nog spreken van kauwen versus bijten)