Queueing

With social distancing and a limited number of people allowed in stores, we have to line up in front of the stores. With the appropriate social distance. We Dutch are not used to orderly queueing.

So I went to the drugstore for some queue tips. All sold out.

I tell you, queue tips is the next toilet paper!

Watching darts

New to watching sports. PDC World Darts Championship. Round 3 match Rico vs Badr. Rico had a double 8 finish in Badr’s leg. Apparently it is good to break your opponents leg.
Badr took a 180 turn and broke his own leg somehow. Which is technically highly illogical. So Badr gave up. Odd game, darts.

Blijven zitten

Joviale conducteur bij controleren vervoerbewijzen tegen een reiziger van in de 40: “Helemaal goed, u mag blijven zitten!”
Twee reizigers verder controleert hij Meneer D.
Meneer D: “Daar moet u in deze periode wel mee uitkijken bij kinderen. ‘U mag blijven zitten.'”

Hij moest het even laten inzinken.

Cartoon: Stripdagen – de Tochtstrip [Comik.nl]

Stripdagen Haarlem: De Tochtstrip

Tijdens de Stripdagen in Haarlem, die zijn van 3 t/m 12 juni,  sprak Meneer D afgelopen zaterdag ten tweeden male met de dame van Comik.nl. Een dag eerder had ze nog de webcomicawards (Meneer D schrijft dat vandaag als 1 woord) uitgereikt. Na de uitreiking had Meneer D – die daar op Déëresque wijze verzijld (ja bewuste typo; spel(l)ing met een Haarlemse Monopoliestraat) was geraakt – haar voor het eerst ontmoet en wat over zijn uitgeverloze werk verteld.

Deze tweede ontmoeting was bij de expo van de webcomicawardsgenomineerden (nog steeds 1 woord vandaag) in de Philharmonie. Ook daar aanwezig: een tafel met voorbedrukte kaders en tekengerei teneinde jongelingen en tekenlustige aanwezigen van kennelijke leeftijd te doen overhalen zelf ook een cartoon of strip te tekenen. Met leesbaarder zinnen dan Meneer D placht te construeren (die het erom doet uiteraard; archaïsmen en anti-Churchill-redevoeringen-woord-en-zinslengte-uitgangspunten negerend). In het kader ‘put your money where your mouth is‘, maar dan in een schone Nederlandse volzin vroeg de dame enthousiast of Meneer D dan niet ook een tekening wilde toevertrouwen aan het papier. Gelukkig had Meneer D zijn eigen roze tekenpotlood en chique tekenpennen bij zich, wat al een deel van een instantcartoon in kwaliteit kan verbeteren. Bovenstaande – een in PhotoShop opgekuiste foto daar het origineel in de burelen van Comik.nl prijkt of in de archiefla is verdwenen – cartoon was daar het resultaat van. Een flauwe – makkelijke – woordgrap van Meneer D.

Terzijde: een goede bekende van Meneer D snapte de grap in eerste instantie niet. Zij had verwacht dat Meneer D diepere lagen, dubbelzinnigheden en woordspelingen met stijlfiguren voor literair gevorderden erin had gestopt. Hélas. Dit keer niet. Dus niet te moeilijk denken bij deze cartoon.

Wel nog de extra laag in de cartoon – herkenbaar voor de aanwezigen van de Stripdagen – was de tocht. De wind. Een enkele warme windvlaag was er in het weekend van 4 en 5 juni wel te bespeuren, maar verder was het heet. Zonnig. Stralend blauwe lucht. Inkt verdampte uit de pennen voordat ze het papier konden raken voor het signeren van albums op de Grote Markt. Een contextuele connotatie voor de insiders (eigenlijk outsiders, want binnen had je er geen last van), daar het juist géén winderig (wel Windig) weer was. Eh bien, we dralen af (ja, dat was een bewuste contaminatie die als neologistische constructie ook leuk is).

Als vervolg op de leuke conversatie met Mevrouw Comik.nl – wiens naam Meneer D niet noemt, omdat hij niet helegaar zeker is dat ze dat zou willen – heeft Meneer D bij Comik.nl ook een account aangemaakt. Waar reeds een cartoon is gepubliceerd. Zie Meneer D taalt ernaar: ramadan. De oplettende, trouwe en volhardende lezer van dit blog heeft de ramadan-cartoon uiteraard reeds gezien afgelopen woensdag.

Wordt vervolgd!

De Volkskrant: ‘Meneer D. wordt met de dag een leveltje agressiever’

Meneer D ontkent alles! Het blijft aanmatigend en onluisterend lastig zulke luisterrijke laster! Je reinste onravissante reputatieschade van een zorgvuldig opgebouwd eloquent imago…
Het is net zo bar en boos als de boel hier kort en klein.
“Waaaaat?” vraagt u zich misschien af op cabaretesque Richard Groenendijk-toon.
Welnu. Eh bien.

‘Meneer D. sloeg eind januari zijn interieur kort en klein en deed een zelfmoordpoging. De ambulance kreeg politiebegeleiding. Toch was hij een dag later alweer thuis, schreeuwend en huilend om hulp. Het enige dat ze zeker weten over meneer D. is dat hij het syndroom van Gilles de la Tourette heeft.’

Leugens en pgb-propaganda uiteraard. ‘Dat doet-ie anders nooit!’ Precies want Meneer D ontkent alles.

Dit artikel dus in De Volkskrant: ‘Meneer D. wordt met de dag een leveltje agressiever’. Ongehoord (door de ggz-instellingen)!

Valengein I – Modderijs

(Valengein? Ja, Meneer D kon inderdaad geen slechtere woordgrap bedenken. Graag gedaan.)

Valentijnsdag. Tijd voor liefde en overpeinzingen. Hart voor de woordelijke zaak. De liefde verklaren? Uiteraard! Maar dan wel Meneer D stijl.

Dit (precies) 100-woorden-verhaal schreef Meneer D voor de schrijfwedstrijd IJsbloemen.

Modderijs

Door bijtende vrieskou fiets ik over de dijk. Onder de snelbinders: een grote bos rozen.
Rood.
Vandaag. Vandaag ga ik het haar zeggen.

In haar voortuin rinkelt m’n fietsbel. Verkleumd zet ik mijn fiets op slot. Een silhouet verschijnt voor het matbevroren keukenraam.

Haar silhouet!

“ik”
Langzaam schraapt ze, smeltend, spiegelbeeldige letters door de ijsveren op het raam.
“hou”
Ik worstel met de snelbinders.
“van”
Mijn adem bevriest vol aandacht voor haar vinger.
“je”
Nog een silhouet naast haar?!
“broer”

De bos valt. Bevroren rozen knakken op het ijspad. Roodgebroken blaadjes mengen zich met modderijs.

Kerst met Geur & Gour

Tweede kerstdag. Ik was klaar en gaar voor het betere gravad lachwerk. Want: vandaag Geur & Gour te gast. *Ping* een WhatsSoepje: Geur & Goor waren al in de straat! Of ik alvast op zijn Twents of letterlijk de deur los kon maken, dat was wat makkelijker met de deur in huis vallen. Ze kwamen aanrijden in zo’n chique braadslee. Flink bakbeest, stond geparkeerd over 2 parkeerplekken, dus dat wordt een mooie parkeerbonbon. Na entree werd het al meteen gezellig: Amuse me! Dat gaat zeker lukken met die twee spraakwatervallen voor de kerstdis (wie gaat er gedist worden?), dus de keuken stond al gauw vino blanc. De grappen rolden al over de tong. Vaatje zout op tafel, kunnen ze uit tappen en want hun flauwe grappen zijn veelal van hetzelfde tafellaken een pak en dan is zo’n vaatje wel handig. Het eten was dan weer niet uit een pak. We zaten er wel in, maar aten er niet uit. Nee. Ik had ook geen zin om in de keuken te staan. Ik voelde daar namelijk al nattigheid. Vanavond gingen we gedrieën lekker makkelijk smakelijk gour-

Nee, ik kon het niet uit mijn mond krijgen noch sparen. Met zo’n pakket met vakjes en stukjes bij beetjes zelf. Je weet wel. Na lang braadslagen, koos je dit jaar toch maar weer. Gour-

Hmm.

Oké. Nu moest ik toch heerlijk zijn. Dat hele gour-uche-uche kwam me zwaar de neus van de zalm uit. Alsof ik uitgerookt was op dennenhout. Het helemaal zat. Zeker de reclames om te goor- ehm. Zat. Alsof de drie flessen vino blanc die Geur & Gour al fluks naarbinnen hadden geswaffeld ook in mijn maag als een haggis linksdraaiend zaten te dansen. Zat. En Geur & Goor zaten maar lachhinnekend te balken alsof ze in de brij zaten, met een steekje los. Dit werd geen dubbelgetrokken consommé van een avond. Moest ik me dan maar laten meevoeren door de avondmaalstroom? Schrap dat geurige goorverecht maar vast. Het gezelschap bleek helaas toch niet veel soeps, zelfs niet met -stengels. Ik zag er echt geen stokbrood met pindasaus meer in. De topchefsterren voorspelden al panne op een gloeiende plaat gedruppeld. Dus besloot ik de stekker (van het gour-suffixapparaat) eruit te trekken van een goede mergpijp. Geur & Gour kregen de zak. Een snoepzak, dat wel, – net als na kinderfeestjes met poffertjes – bij het onttafelen. De kerstballen! Hoppa, de limo zonder prik maar weer in. Weer wat rustiek en landelijkheid in huis.

Nee, vanavond werd het toch nog een geslaagde en niet geplaagde avond. Geur & Gour de deur uit. De salmonellavakjes met verpakking en al in de klieko.

Heer-lijk nog de hele avond in mijn eentje op tweede kerstdag zitten gourzonderen. Echt een aanrader voor iedereen de volgende Kerst (of Oudjaar of Sinterklaas): ga eens gezellig met de hele familie gourzonderen!

Terrorism: The Lone Wolf

With the current events and polarisation, time to put a pun to some perspective. More food for thought – regarding terrorism, mass shootings, US gun laws, the NRA and ISIS (IS / ISIL / Daesh) – than a punny pun perhaps. But still, the word play is there. Of course. The thought is there as well.

The Lone Wolf Pack

You might also like:
Beeldtaal: de dreiging in Brussel anders verwoord,
Hoed u voor terrorisme!,
Charlie Hebdo: The Response,
Mohammed-cartoon?,
Terrorist Charlie Hebdo: “I killed in the *** of Allah”

Taalobservatie: de schreeuw

“WAAAAARGH!” hoor ik rechts van mij schreeuwen. Ik kijk op. Zie alleen een oudere heer, met wit Doc Emmett Brown haar met geruite stropdas en oranje regenjas en een lichte lach, op de fiets aankomen.

Geen aanleiding tot geschreeuw. Behalve dat hij net onder een viaductje doorreed en dat zo lekker galmt…

Sommige ‘jeugdtaal’ of straattaal vergaat hopelijk nooit.

Hoed u voor terrorisme!

Zelfs voor eenieder die veelal slechts vluchtig het nieuws volgt, vergt het onderkennen dat het vluchten van volatiele vluchtelingen richting Europa een grote vlucht neemt, geen hogere wiskunde. Met de harde dobber voor het voorstellingsvermogen dat de verontrustende vooronderstellingen dat terroristen net zo hard dobberen richting de Europese grenzen, als de schrijnende gevallen van hen, die niet gevallen zijn in de strijd in Syrië, die zich vol ellende vervoegen bij de vervlogen voetafdrukken en verwijderde kinderlijkjes in de branding van de Europese stranden. En gezamenlijk hun wanhopige hongerige tocht voortzetten richting Hongarije en het weldadige Westen waar de grenzen zich langzaam sluiten. Maar – nog – niet gesloten zijn.

Ze zijn onder ons. Maar wie zijn ‘ze’? De irrationele paniek [1] om potentiële terroristen die in den lande mogelijk een aanslag plegen grijpt her en der drastisch en onverbiddelijk om zich heen. [2] [3]

Deze onwelvoeglijke gevoelens van ongenoegen frequenteren al kopopstekend vooral bij bepaalde golflengtes [4] van het politieke spectrum (en bij bepaalde ultraviolent groeperingen), die Meneer D niet nader zal noemen, omdat ze verondersteld vermeend niet noemenswaardig zijn.

Hoed ú zich al voor dra naderend terrorisme en angstaanjagende malheur dan wel het maltraiteren van uw dagelijkse bezigheden middels een zouteloze en laffe aanslag? Doch, wees wijs, leer eerst de feiten [5], vooraleer u fijt aan uw vinger krijgt van het wijzen.

Angst voor daders in onze wijken of wijken voor de daders? Alles draait om risicoduiding in plaats van onduidelijk dan-wel-dan-niet-dodelijke doemdagen van demagogische desillusie door deliberaat alvast de daders te duiden.

Risk is not just a board game!

Kijk naar het risico en weet waar uw kansen of onkansen liggen en ontspring de dodelijke dans. En relativeer op van uw, al dan niet politiek-pluche, zetel!

Doe als Meneer D. Word ook een doomsday prepper [6]. Handel naar de statistieken!

De kans dat u komt te overlijden door een terroristische aanslag [7] is vele malen kleiner, dan dat u komt te overlijden door een val van het keukentrapje [8] in uw eigen keuken.

Meneer D is al helemaal voorbereid op mogelijk terrorisme in zijn buurt.
Hij heeft geen keukentrapje.

* [1][2][3][4][5][6][7][8]: klik op de koppelingen van bronverwijzingen in het artikel om naar de bronnen te gaan. Meneer D style.

Beeldtaal: Kom bij de Marine!

Kom bij de Marine!
Ja, we zijn er als de kippen bij!
Bij supermarkt Hoogvliet geen plofkip, maar door mariniers gedrilde kip. Zou deze op maniëristische wijze bereide kip beter smaken, dan gewoon gemarineerde kip?

image

kieken

kieken

er zat een kranig kuiken
onrustig in de struiken
“Ik goa zo ev’n spieken
en oet de bloaren kieken”

helaas meteen berouwen
het liep al uit de klauwen
want in dat dialect
was -dief zeer goed gebekt

Oude Grieken

De Oude Grieken hadden het in hun gymnasia goed voor elkaar. Het worstelen deden ze altijd naakt. Hoe fel of bruut het gevecht ook was, ze kwamen er altijd zonder kleerscheuren vanaf.

Lees ook: Haar, De Kwijtgriek,
Actualiteit: Gymnasia willen meer allochtonen.

Moederloos

Eva wilde niet dat haar man wist van haar grote verdriet. Krampachtig en vergeefs probeerde ze het elke dag weer voor hem te verhuilen.

Lees ook het gedicht Stil, Six Word Story – XV,
Het buurthuis in Vleuten en Lies en Bert.

Volgaarne

Zojuist bij De Broodzaak op het station.
Klant: “Één koffie”
Medewerker herhaalt: “Één koffie?”
Klant: “Volgaarne!”
Meneer D, verrukt van zo’n edel ouderwets woord, spontaan: “Niet halfvolgaarne?”
Klant: “Nee, ik heb mijn koffie altijd graag vol.”

De medewerker en de klant worstelen wat met de pinbetaling, waardoor de pinpas en paar keer in en uit het apparaat moet.

De klant leest daarna de melding van de display hardop: “Geslaagd!”
Waarop de medewerker reageert alsof het een examen betreft: “Gefeliciteerd!”

Als Meneer D dan toch op zondagochtend om 8:15 op het station moet zijn, dan graag met zulke dialogen.

Bedankt, hè?

Een collega van Meneer D woont in Spanje. Hij is Spaans. En spreekt zijn hele leven al Spaans. Hij vertelde me onlangs een verhaal, dat een klassieke annekdote is binnen zijn familie.

Toen hij klein was, echt nog klein, ging hij met zijn ouders naar een attractiepark. Een geweldige belevenis voor zo’n klein Spaans manneke. De mascotte van het park was een beer. Een grote, pluizige beer. Uiteraard liep er een meneer rond in een megagroot pluizig berenpak. Het kleine jongetje zag alleen een hele, hele grote pluizige knuffelbeer.

Hij rende erop af en knuffelde de beer en liet niet meer los. Zoiets is natuurlijk geweldig als je een klein jongetje bent. Een levende knuffelbeer, drie keer zo groot als jij!

De beer vroeg aan zijn vader of ze op de foto wilden. Natuurlijk wilde het jongetje dat. Zoiets fantastisch. De beer zei het in gebrekkig Spaans, met een sterk Portugees accent.

De beer was waarschijnlijk een Portugese gastarbeerder die de in een warm berenpak ontberingen leed, of juist niet ontberingen, maar juist gewone beringen.

De beer drong redelijk aan op de foto. Je kent het zelf vast wel. Ga naar Eurodisney of een attractiepark en ze maken van die leuke foto’s als je in de achtbaan zit of met Mickey Mouse, als je maar teveel betaalt. Mickey Mouse en consorten spreken overigens nooit. Dat is de basisregel van attractiepark-life-size-beest-of-stripfiguur spelen is dat je nooit spreekt. Alleen non-verbaal met handen en schuddend hoofd. Een hele kunst. Deze beer niet. Hij sprak. En hij sprak Portuguespagnol.

De vader van Meneer D’s collega zag hoe blij en gelukkig zijn zoon was, dus hij gaf toe. Neem die foto maar. Dan hebben we ze een mooie herinnering. Zo gezegd, zo gedaan. De foto werd gemaakt. Klik. Dat is dan tien euro. Of een vergelijkbaar equivalent in peseta’s toen. Jaren geleden in Spanje.

Even terzijde over Spaans en Portugees.

Spaans en Portugees zijn nauw verwante talen. Ze lijken erg op elkaar. De uitspraak wil toch flink verschillen. En de spelling ook. Toch zijn er ladingen woorden die erg op elkaar lijken, met een klein verschil.  Schaap is bijvoorbeeld oveja en ovelha in respectievelijk Spaans en Portugees.

Daarenboven heb je het verschil dat je ook hebt tussen het Japans en Chinees. Japanners kennen alleen de en niet de l, vandaar dat leenwoorden en Engelse woorden verbasterd worden; er zijn websites vol met Engrish. Het Chinees kent wel de en niet de r. Wie heeft er nooit een Chinese serveerster horen herhalen ‘dlie maal Chinese lijsttafel’? Precies. En dit is geen stereotype vooroordeel. Een vergelijkbaar effect treed op als verschil tussen Spaans en Portugees. Spaans is hier het Chinees en Portugees het Japans. Neem een heel simpel zinnetje in het Spaans, dat veelvuldig in zomerse feestnummers is gebruikt:

Vamos a la playa

Dat wordt in het Portugees zo ongeveer:

Vamos à praia

Playa, praia. Het is duidelijk.

Terug naar het attractiepark met een dolblij jongetje, een vader die flink in zijn portemonnee heeft getast voor een miezerige foto, omdat hij voor een voldongen feit stond: de foto is gemaakt voordat hij het doorhad en whatever de beer ook vroeg aan belachelijk bedrag – de prijzen voor een foto in elk attractiepark zijn belachelijk – hij voelde zich verplicht de foto te kopen.

De beer bedankte de vader vriendelijk in het Portugees:

Obrigado!

Ofwel: bedankt!

De vader antwoordde meewarig in het Spaans:

Si, obligado…

Het lijkt en klinkt als praia versus playa. De woordgrap is briljant subtieler; het verwijst naar de soms kleine verschillen tussen Spaans en Portugees, maar vanwege de spitsvondigheid van wat zijn vader werkelijk zei, is dit al jaren een running gag in de familie.
Je kunt Si, obligado namelijk vertalen met: Ja, ik voelde me verplicht…

Het buurthuis in Vleuten

Gedesillusioneerd verliet de reeds niet geringe tijd vrijgezelle Saoedische sjeik het buurthuis van Vleuten nadat hem resoluut de toegang was ontzegd. Hij had lang uitgekeken naar – en eigenlijk zijn laatste strohalm gevestigd op – de nieuwe cursus vrouwenschaken.

Lees ook: De amoureuze poëet,
Net zo iets als… – XXI

De expeditie naar Wilamowice

Reeds bijna twee maanden zijn verstreken sedert Meneer D trouw elke dag blogde. Wat is er gebeurd? Welk drama heeft zich buiten uw aller geestesoog voltrokken? Meneer D relaast hieronder.

Sommigen noemen het vakantie. Meneer D noemt het een expeditie. Een alter ego heeft ook vakantie nodig. Even een break. Even vakantie. Of even een focus op het werk. Taalwerk. Meneer D heeft een expeditie ondernomen naar Wilamowice. Met nadruk op naar. Meneer D is er nimmer aangekomen. En ternauwernood slechts uit de nabijheid van Wilamowice ontkomen. Zoals iedereen sinds groep 6 van de basisschool weet, ligt Wilamowice in Zuid-Polen (bla bla fonetische grap met zuidpolen: neen, die laat Meneer D achterwege, dit is een serieus stuk!). Het plaatsje ligt niet al te ver boven de Slowaakse grens.

Intermezzo: Meneer D bedenkt een slechte grap.

Vraag: Hoe waaks waren die grenswachters bezuiden de Poolse grens dan wel niet?
Antwoord: Slowaaks!

– einde intermezzo –

Het Nederlands kent diverse varianten; nauw verwante talen, streektalen, dialecten. Zo zijn er Afrikaans, Zeeuws, Nedersaksisch, Vlaams en het Berbice-Nederlands. En het Wymysojer. Het Wymysojer is de taal die gesproken wordt in Wilamowice. Wat sommige onderzoekers ook mogen beweren met hun Duitse taalverwantschap: de taal stamt af van het Nederlands van ene Willem. Een kolonist uit de dertiende eeuw. Goh, Wilamowice, dat lijkt best op Willem zult u nu denken. Dat klopt. Wilamowice komt van Wymysoj; Willemsoog. Dus Wymysojer is (de taal) van Wymysoj.

Wymysojer, gesproken door nog maar 60 mensen in een geïsoleerde enclave in Zuid-Polen. Prachtig stukje taalhistorie. In desolaat ruig land. Stel je voor, de Nieuwe Kolonisten die Nederland nu kent, waren voor een deel vroeger Nederlandse Kolonisten die de omgekeerde route richting Polen aflegden.

Vandaag kocht Meneer D Komrij’s Canon, een bloemlezing in honderd gedichten. De bundel begint met

hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic enda thu wat unbidan we nu

– jawel, van een monnik die als kolonist naar Engeland vertrok. Ook uit de dertiende eeuw! Het oudste Nederlands ooit opgeschreven. Een gedichtje over geile vogeltjes of een idem monnik. Zet dat naast het hedendaagse zinnetje in het Wymysojer:

Ym bojm ej a fögunostta

en je ziet meteen de overeenkomsten. Oud-Nederlands! Het betekent overigens in de boom is een vogelnestje.

Meneer D vindt het mooi. Vandaar dat hij een expeditie opzette. Een expeditie naar Wilamowice. Om eens goed die prachtige taal te onderzoeken. En Meneer D moet er snel bij zijn, want het aantal sprekers van Wymysojer daalt harder dan de zeespiegel stijgt. Uitermate goed geoutilleerd toog Meneer D naar Polen. Katowice werd nog bereikt. Daarna wordt het verhaal vol van turbulentie, ondanks dat Meneer D niet met het vliegtuig reisde.

Het scheen allemaal te maken te hebben met een partij illegale Slowaakse wodka die erg leek op Poolse wodka met buffelgras erin. Een geleerde les: het klinkt alsof het laten organiseren van je expeditie door een Poolse expediteur logisch is, maar dat is het niet. Na diverse kennelijke staten, een uit de hand gelopen dorpsfeest, iemand die Meneer D nog vroeg of Meneer D zijn Poolster wilde zien, iets met een gedwongen huwelijk en eerbaarheid en eh.. eh… Wat was dat Poolse woord voor angry mob ook alweer?!

Enfin. Details. Het heeft zo’n twee maanden geduurd met omwegen via diverse enclaves behalve expeditiedoel Wilamowice, edoch Meneer D is weer in den lande.

Lees ook: Pole pole pole pole,
Actualiteit: Polen geeft munt uit met braille erop 

Ochtendverhaal – II

Een merel fluit en wedijvert wat met een houtduif wie het meest kan zingen. De houtduif druipt af. De merel is gewoon aan de compenseren voor de fluitloze regenochtend van eerder. Stomme merel.

Onder een afdankje kon ie toch ook gewoon fluiten met de regen als zijn ritmesectie? Maar nee, zon en een enkel wolkje wil hij om een geil vrouwtje te vinden. Hij is niet van een vrucht van regenwulpsen. Zo droog als zijn cloaca, zo heeft hij het het liefst. Beetje die zwarte veertjes laten glanzen in een Hollands miezerig zonnetje. Mannetjesmerel. Allitereert als zijn merellied.

Beter dan de grauwe kauw die zojuist met alleen een ‘ka!’ voorbij kwam. Die mag van mij zijn fluitkunst nog wat herkauwen. Zingen en fluiten om te kunnen neuken. Dan kun je merelsperma gerust zangzaad noemen. Nog altijd mooier – hé houtduif, niet jij nu opeens gaan koeren twerwijl de merel stilhoud! Aandacht tekort? – dan die eenden en hun Zuid-Soedanese paringsritueel. Vorige week nog. Een stuk of 4 eenden, 1 vrouwtje voorop, vlogen grote rondjes boven mijn appartement. Richting park. Onder veel kwakend misbaar. Je weet gewoon dat het geen baltsende paringsdans is zoals de twee Afrikaanse visarenden in Selous Game Reserve, in Tanzania anderhalf jaar geleden. De klauwen ineen geslagen wentelend door de lucht. Een vlucht van duikelingen, koprollen, hand-in-hand samen rondrennen tot je beiden bijna vliegt. Zij. Zij vlogen, de vleugels gekromd wijd. Onze ranger had er geen aandacht voor. Ik heb er geen foto’s van. Die visarendvlucht. Er was een luipaard gesignaleerd. Die zochten we. Dat was veel unieker in Selous. Er wordt maar een handvol keer per jaar een luipaard gezien daar. Bijzonder. Dus de baltsende vogels waren onbelangrijk. Ik heb nog wel een foto van een visarend zo bovenop een hoge dode palmboom, zo’n kale boom, die zijn staart optilt en een mooie straal schuin naar achter schiet uit zijn cloaca. Toch ook leuk.

Net zo banaal als die eenden. Dat vrouwtje vliegt niet zo hard om te kijken welk mannetje het sterkst is. Welnee. Eentje was sowieso niet het sterkst. Die vloog zeker tien meter achter de rest, proberend de scherpe luchtbochten te volgen. De andere twee mannetjes wilden maar één ding: neuken. Liefst als ze nog wat tegenstribbelt. Het vrouwtje vloog door. Zeker 5 grote rondes. Als ze zou gaan zitten, ergens op het gras, naast de sloot. Dan werd ze met veel – onderling – geweld door de twee wraakzuchtige woerden – lijkt ook veel op warlord qua woordbeeld – gepakt. Hell yeah, zelfs al zou ze neukend verzuipen (iets wat in Zuid-Soedan weer níet gebeurt, maar dat ligt aan gebrek aan water), dan nog zagen die woerden hun kans. Wat nou Darwin, wat nou voortplanten. Je reinste necrowoerden zijn het.

Dan de merel. Hoppend door de struiken. Saaie veelvoorkomende vogel. Zingt best leuk. Tenminste wat variatie. Zoveel zangvogels zitten hier nou ook weer niet te kwetteren. Klinkt wat sneu. Zijn korte lied. Begeleid door het strijkorkest van de schuurmachine verderop in de straat. Een parkiet klinkt toch gezelliger. Blijven merels het hele seizoen bij elkaar? Zingt het mannetje nog als hij een vrouwtje heeft gevonden? Of is het zoals bij de meeste Nederlandse mannen: wel dansen op de dansvloer en leuk doen als je nog op jacht bent, maar zodra een meisje is gescoord – voor een avond of voor langer – geen poot meer op de dansvloer zetten? Blijven merels elkaar eeuwig trouw, zoals zwanen? Vast niet, anders zaten er niet zoveel merels te tjilpen. Het kunnen niet alleen die ongebonden bachelors zijn die zich laten gelden. Ik denk dat ze er gewoon elk jaar weer opnieuw tegenaan gaan. Beetje chill, beetje tsjilp. Een enkel keertje neuken, weet je. En dan een seizoen iets met nesten, takjes, wat wurmen. Tot het volgende jaar. Geen hoge eisen die merel. Geen pretenties van kijk mij eens meeslepend leven. Maar ja, daar is zijn gezang dan ook niet naar. Met zijn gele snaveltje en zwarte veren. En een beetje hopsen door de struiken. Mannetjesmerel. Tja. Tjilp.

Voor de cursus poëzie schrijven, meteen na het wakker worden, precies een half uur  associatief schrijven. Aldus bovenstaand ochtendverhaal. Lees ook Ochtendverhaal – I.