Fotoboek met poëzie: ‘Moments before the flood’ van Carl De Keyzer

Enkele weken geleden kwam bij Uitgeverij Lannoo een prachtig, groot, zwaar, dik fotoboek uit. ‘Moments before the flood’van Carl De Keyzer. Even citeren:

klik op de afbeelding voor een grotere versie

Vier jaar lang heeft Carl De Keyzer vier maanden per jaar de kusten van Europa afgereisd, van het hoge noorden tot het zuiden. Hij fotografeerde vervreemdende landschappen, desolate stranden, verlaten hotels, winterse pieren en dramatische wolkenpartijen: prachtige maar onheilspellende beelden met een hoog David Lynchgehalte.
Moments before the Flood is bij uitstek een fotografie van het wachten. Carl De Keyzer portretteert de unheimlichkeit van het onbestemde en het onzekere, met een meesterlijk oog voor de schoonheid ervan en met een weergaloos gevoel voor ironie.

Gaat Meneer D hier een fotoboek bespreken? Zeker wel. Meneer D houdt van de schone kunsten, waaronder fotografie (zie ook Visual Spoonerism defines traditional gender role patterns). Ware het slechts een fotoboek, dan schreef Meneer D dit stuk niet.

klik op de afbeelding voor een grotere versie

Wat Uitgeverij Lannoo nagelaten heeft te vermelden, dat het prachtige boek – want dat is het – niet alleen foto’s staan. Er staan ook gedichten in. Of eigenlijk: één gedicht. David Van Reybrouck werkte samen met Carl De Keyzer aan dit boek. Van Reybrouck heeft een Nederlandstalig gedicht geselecteerd van een relatief onbekende Nederlandse dichter, namelijk Marijn Backer.

Onderstaand titelloze gedicht van Marijn Backer is vertaald in 18 Europese talen, talen van de kustlanden waar Carl De Keyzer zijn foto’s maakte.

Een late dag.
De kinderen zijn naar huis.
De zon drupt in zee.
Ook graaft een hond de torens stuk
van een met schelpen sterke vesting.

Door de golven trekt zijn net
een man die sterker is dan
hij kan houden.

Verderop ligt een met kleiner hand
omwalde tuin. Een vlag als veer.
Er staat een boom. Er is een hof.
Daarin een blote voeten spoor.
Daarin wind is aan het eten.

(uit: Het oog van de veeboer, Contact, 1991)

Een van de talen waarin het gedicht vertaald is, is het Sloveens. Een vriendin van Meneer D, Katjuša R. heeft dit gedicht vertaald (Meneer D publiceerde eerder het gedicht Sloveni, vidi, dicti, dat hij voor haar schreef).

Vertalen is lastig, het vertalen van poëzie helemaal. Betekenissen, dubbelzinnigheden, klanken, woordbeeld, gevoel en vooral beelden moeten kloppen. De vertaler moet een compleet (gevoels)beeld hebben bij de woorden en de concepten en gedachten erachter.
Katjuša schreef onderstaande vertaling van Marijn Backers gedicht:

Pozen dan.
Otroci so odšli domov.
Sonce kaplja v morje.
Tudi pes razkopava po stolpih
s školjkami utrjene trdnjave.

Prek valov vleče moški
mrežo močneje, kot
zmore držati.

Dalje je vrt, utrjen
z manjšo roko. Zastava kot pero.
Tam stoji drevo. Tam je dvorišče.
V njem sledovi bosih nog.
V njem se hrani veter.

Meneer D kan er helaas weinig over zeggen.

Zo nu en dan helpt Meneer D Katjuša met vertalingen. Niet dat Meneer D ook maar meer dan twee woorden Sloveens spreekt. Welnee. Maar Meneer D schept er een waarlijk genoegen in om woorden en teksten zodanig door te zagen, zodat zij de idee snapt. Het waarom van klanken, van woordkeuzes. Zo legde Meneer D haar jaren geleden uit waarom Annie M.G. Schmidt het boek Pluk van de Petteflet mogelijk zo noemde en spelde, wat je er in vertaling mee moest aanvangen. En wat die hufters nu anders zijn dan klootzakken of eikels in de film Hufters en Hofdames.

Voor bovenstaand gedicht van Marijn Backer schreef Meneer D uiteindelijk zeker twee A4’tjes vol met analyse van thematiek, klanken, woordbeeld, klankherhalingen, woordkeus, symboliek en beelden die Backer gebruikt. Uitkauwen tot op de letter, zodat de ander het snapt. Het voelt, beleeft, want vertalen kan Meneer D het niet. Alleen meer Nederlandse woorden toevoegen aan wat er al staat. Het was in elk geval afdoende genoeg dat Katjuša het gedicht in het Sloveens kon vertalen. Zoals je hieronder op de afbeelding kunt zien. Een foto van de bladzijde met de vertaling én twee secties vergroot uitgelicht voor de leesbaarheid.

Meneer D is erg trots dat onder het Sloveense gedicht in het boek ook zijn naam staat! Gezien de samenwerking en uitleg, vond Katjuša dat we het gedicht samen vertaald hadden. Er staan nu twee namen onder het gedicht. Zo’n mooi boek. En Meneer D staat erin. Waarlijk verrukt. En dank je Katjuša!