Ochtendverhaal – II

Een merel fluit en wedijvert wat met een houtduif wie het meest kan zingen. De houtduif druipt af. De merel is gewoon aan de compenseren voor de fluitloze regenochtend van eerder. Stomme merel.

Onder een afdankje kon ie toch ook gewoon fluiten met de regen als zijn ritmesectie? Maar nee, zon en een enkel wolkje wil hij om een geil vrouwtje te vinden. Hij is niet van een vrucht van regenwulpsen. Zo droog als zijn cloaca, zo heeft hij het het liefst. Beetje die zwarte veertjes laten glanzen in een Hollands miezerig zonnetje. Mannetjesmerel. Allitereert als zijn merellied.

Beter dan de grauwe kauw die zojuist met alleen een ‘ka!’ voorbij kwam. Die mag van mij zijn fluitkunst nog wat herkauwen. Zingen en fluiten om te kunnen neuken. Dan kun je merelsperma gerust zangzaad noemen. Nog altijd mooier – hé houtduif, niet jij nu opeens gaan koeren twerwijl de merel stilhoud! Aandacht tekort? – dan die eenden en hun Zuid-Soedanese paringsritueel. Vorige week nog. Een stuk of 4 eenden, 1 vrouwtje voorop, vlogen grote rondjes boven mijn appartement. Richting park. Onder veel kwakend misbaar. Je weet gewoon dat het geen baltsende paringsdans is zoals de twee Afrikaanse visarenden in Selous Game Reserve, in Tanzania anderhalf jaar geleden. De klauwen ineen geslagen wentelend door de lucht. Een vlucht van duikelingen, koprollen, hand-in-hand samen rondrennen tot je beiden bijna vliegt. Zij. Zij vlogen, de vleugels gekromd wijd. Onze ranger had er geen aandacht voor. Ik heb er geen foto’s van. Die visarendvlucht. Er was een luipaard gesignaleerd. Die zochten we. Dat was veel unieker in Selous. Er wordt maar een handvol keer per jaar een luipaard gezien daar. Bijzonder. Dus de baltsende vogels waren onbelangrijk. Ik heb nog wel een foto van een visarend zo bovenop een hoge dode palmboom, zo’n kale boom, die zijn staart optilt en een mooie straal schuin naar achter schiet uit zijn cloaca. Toch ook leuk.

Net zo banaal als die eenden. Dat vrouwtje vliegt niet zo hard om te kijken welk mannetje het sterkst is. Welnee. Eentje was sowieso niet het sterkst. Die vloog zeker tien meter achter de rest, proberend de scherpe luchtbochten te volgen. De andere twee mannetjes wilden maar één ding: neuken. Liefst als ze nog wat tegenstribbelt. Het vrouwtje vloog door. Zeker 5 grote rondes. Als ze zou gaan zitten, ergens op het gras, naast de sloot. Dan werd ze met veel – onderling – geweld door de twee wraakzuchtige woerden – lijkt ook veel op warlord qua woordbeeld – gepakt. Hell yeah, zelfs al zou ze neukend verzuipen (iets wat in Zuid-Soedan weer níet gebeurt, maar dat ligt aan gebrek aan water), dan nog zagen die woerden hun kans. Wat nou Darwin, wat nou voortplanten. Je reinste necrowoerden zijn het.

Dan de merel. Hoppend door de struiken. Saaie veelvoorkomende vogel. Zingt best leuk. Tenminste wat variatie. Zoveel zangvogels zitten hier nou ook weer niet te kwetteren. Klinkt wat sneu. Zijn korte lied. Begeleid door het strijkorkest van de schuurmachine verderop in de straat. Een parkiet klinkt toch gezelliger. Blijven merels het hele seizoen bij elkaar? Zingt het mannetje nog als hij een vrouwtje heeft gevonden? Of is het zoals bij de meeste Nederlandse mannen: wel dansen op de dansvloer en leuk doen als je nog op jacht bent, maar zodra een meisje is gescoord – voor een avond of voor langer – geen poot meer op de dansvloer zetten? Blijven merels elkaar eeuwig trouw, zoals zwanen? Vast niet, anders zaten er niet zoveel merels te tjilpen. Het kunnen niet alleen die ongebonden bachelors zijn die zich laten gelden. Ik denk dat ze er gewoon elk jaar weer opnieuw tegenaan gaan. Beetje chill, beetje tsjilp. Een enkel keertje neuken, weet je. En dan een seizoen iets met nesten, takjes, wat wurmen. Tot het volgende jaar. Geen hoge eisen die merel. Geen pretenties van kijk mij eens meeslepend leven. Maar ja, daar is zijn gezang dan ook niet naar. Met zijn gele snaveltje en zwarte veren. En een beetje hopsen door de struiken. Mannetjesmerel. Tja. Tjilp.

Voor de cursus poëzie schrijven, meteen na het wakker worden, precies een half uur  associatief schrijven. Aldus bovenstaand ochtendverhaal. Lees ook Ochtendverhaal – I.

Advertenties

Auteur: Meneer D

Meneer D is een taalpurist en woordengoochelaar.

One thought on “Ochtendverhaal – II”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s