Ongebruikelijkte woorden: svarabhaktivocaal

Svarabhaktivocaal. Niet het meest ongebruikelijkte woord dat er bestaat. Maar wel een woord van grote schoonheid. Een mogelijke ramp voor dyslectici en stotteraars. Een woord met 5 a’s. Een woord dat er exotisch en moeilijk uitziet. Hieronder volgt zo de betekenis, heel even geduld.

Feitelijk beginnen: wat is de Googlejacentiën Index van svarabhaktivocaal? Google leert ons het volgende:

  • svarabhaktivocaal – Googlejacentiën Index: 899

Achthonderdnegenennegentig resultaten. Dat is een flink hoge Googlejacentiën Index toch wel. Gelukkig is het woord ongebruikelijkt genoeg om niet door de spellingschecker herkend te worden, noch staat het in het Groene Boekje. Of Witte. Svarabhaktivocaal – zelfs typend is het voor Meneer D geen tonguetwister, edoch zowat een fingertwister bij het tienvingerig blind typen – blijkt niet buitengemeen ongebruikelijkt als er zelfs een Wikipedia pagina voor is en Onze Taal er een compleet taaladvies aan wijdt:

Een svarabhaktivocaal is een uh-klank die in de spreektaal tussen twee medeklinkers wordt ingevoegd om de uitspraak te vergemakkelijken. Het gaat om de klank die wordt gehoord in [melluk] (melk) en [arrum] (arm).

Deze stomme e, in vaktaal wel sjwa genoemd, kan niet overal worden ingevoegd. Het invoegen van een svarabhaktivocaal is alleen mogelijk in lettergrepen die eindigen op twee medeklinkers waarvan de eerste de l of de is; de tweede mag geen t- of s-klank zijn: [werruk], [dorrup], [halluf], [hellup], maar [hals] (niet [hallus]), [held] (niet [hellud]), [milt] (niet [millut]). Uit die laatste voorbeelden blijkt dat het dus niet om de spelling, maar om de uitspraak van het woord gaat.

Het woord svarabhakti is Oudindisch. In Van Dale (2005) wordt het woord als volgt verklaard:svara betekent ‘klank, klinker’ en bhakti betekent ‘deel, verdeling’: ‘verdeling/scheiding in een woord door een klinker’. Het woord is in de eerste decennia van de 20ste eeuw in gebruik gekomen in de taalkunde. Soms wordt voor dit verschijnsel ook de naam sjwa-insertiegebruikt.

Svarabhaktivocaal is dus een leuk woord voor een klein groepje fonetiekelingen (blijft u met die neologismes strooien, Meneer D? Meneer D: ja!). Het is een mooi woord uit de taalkunde, uit de hoek van fonologie. Een woord om iets uit de spreektaal te beschrijven. En naast de taalwetenschappelijke context en interesse zal er een kleine groep mensen zijn die het woord als puzzelwoord of ongebruikelijkt woordenboekwoord waarderen, zoals Meneer D.

Wat vindt Meneer D nu zo mooi aan svarabhaktivocaal? Het woordbeeld is natuurlijk prachtig. Het doet Meneer D wat denken aan de voornaam Bhaktaprasad uit een leuk kikkerkinderboek. Meneer D haalt vooral de lol uit het schier onmogelijk gecompliceerde woord voor een miniem simpel klankje. Iets heel simpels. Dat je zo vaak zegt. Iedereen kent het. Mel-luk. Veel primitiever kan taal bijna niet zijn. Voordat meneer Cro Magnon “oenga oenga” kon zeggen, zei hij “uh”, zoals de zwakke sjwa uit mel-luk. Hij gebruikte een svarabhaktivocaal, maar dat wist-ie niet. Net zoals veel mensen het waarschijnlijk niet weten. Hoeveel mensen zeggen: “Mag ik de melk?” en denken daarbij: “Goh, sprak ik zojuist een svarabhaktivocaal uit? Gaaf zeg! Vanaf nu ga ik ook letten op mijn glottisslagen! Nu maar hopen dat niemand dat gaat na-apen.” Weinig. Kan Meneer D verzekeren. Simpel verschijnsel, prachtige term om zoiets simpels te benoemen.

Enfin (Meneer D wilde enfin eens gebruiken, omdat het niet in zijn standaardrepertoire zit), svarabhaktivocaal is een ongebruikelijkt woord. Ook met dit prachtige fonetiekelingen woordenboekwoord willen we – wil Meneer D – dat het minder ongebruikelijkt wordt. Meneer D wil de lezer stimuleren svarabhaktivocaal in een conversatie te gebruiken. Niet zomaar: “Kijk eens wat voor woord ik nu weer geleerd heb!” Nee, gewoon. In context. Spontaan, als het echt van toepassing is. Meneer D zal de lezer een handreiking doen.

Stel, je zit na een dagje gezellig winkelen in een Amsterdamse – of Zaanse – kroeg. Je hoort de man of vrouw naast je met een onvervalst West-Fries accent spreken. Je herkent de herkomst van het accent meteen. West-Fries en wel te verstaan: Alkmaar. Duidelijk. West-Fries, met zo’n dikke dubbelle-dubbelle eL.
Wie deze eL niet herkent, kan zich even verdiepen in de uitspraak van de Purmerendse Britt Dekker met haar – voor sommigen mogelijk ietwat te platte – muziekclipje F*cking Vet: “Toen ik naar Suriname vloog”, het clipje begint bij die zin, zodat het ongerief beperkt blijft. Ok, Purmerend is niet Alkmaar, maar de eL is close enough.
In alle geveinsde onwetendheid vraag je – na eerst wat beleefdheden te hebben uitgewisseld over het weer en het bier – waar de ander vandaan komt.
De ander reageert met: “Ik kom uit Al-lukmaar”.
Alkmaar heeft op zijn Alkmaars bijna drie lettergrepen, een heel ander verhaal dan een net Hollands glas mel-k.
Je kunt nu dus spontaan antwoorden: “Ah, wat leuk, uit Alkmaar! Ik meende het West-Friese accent al te herkennen, prachtig hoe u de svarabhaktivocaal in uw uitspraak Alkmaar weet op te rekken met een sterk verlengde sjwa tot schier een syllabe! Die klankwaarneming verwarmt mijn fonetische hart bijna net zo hard als deze whiskey. À propos whiskey, kan ik u nog wat te drinken aanbieden?”
Zo heeft u prachtig s-geallitereerd de Alkmaarder aangesproken, svarabhaktivocaal in een conversatie gebezigd zonder aanmatigend te zijn en je gesprekspartner tevreden gesteld met een drankje.

Zo simpel kan het gebruik van svarabhaktivocaal in een conversatie zijn!

Auteur: Meneer D

Meneer D is een taalpurist en woordengoochelaar.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s